Pim, de vreemde aantrekker en de regels van het spel 

Jaap Peters

Praten, praten ,praten, politici kunnen er wat van en de ''mensen in het land'' zijn dat gelul meer dan zat. Nog sterker ze vinden dat Nederland er zo langzamerhand onleefbaar van wordt. En de vraag is of ze gelijk hebben. Maar de kiezer heeft immers altijd gelijk? Ongeveer 26% van de stemmers kiest in welke vorm dan ook voor ''leefbaar''. Het zijn dezelfde thema's ongeacht de partij: veiligheid, wachtrijen, onderwijs, spoorwegen, bolletjesslikkers, multiculturele samenleving etc. Woorden in daden omzetten, dat wil het volk van haar vertegenwoordigers. De moderne kiezer wil het, ze wil het nu en met daadkracht. 

Pim & de Leefbaren spelen daar handig op in en of ze het kunnen is vers twee. Oppervlakkig gezien zijn het starters in een voor hen nieuwe bedrijfstak (naar analogie van Easy Jet: Easy Policy) die ze niet kennen en dus maken ze beginnersfouten in een vlaag van onge´nformeerd optimisme. Over vier jaar snappen ze hoe het echt werkt (de stroperigheid van besluitvormingsprocessen in een vol en dicht geregeld land) en dan zullen de gevestigde namen terugmeppen. Niet in termen van oplossingen, maar met simpele bewoordingen: ''Zie je wel, jij kunt het lekker ook niet!''. Die kans is erg groot, zie Leefbaar Hilversum. Toch is het de vraag of in politiek Nederland niet iets anders aan de hand is? 

De Leefbaren komen uit de onderstroom, de locals (voorheen Gemeentebelangen), en de locals staan altijd het dichts bij de echte problemen: ze staan zelf in de wachtrij, zij worden op straat beroofd, ze staan te wachten op de trein die niet komt en zij zien dat hun kinderen te weinig onderwijs krijgen op de megascholen. De problemen in het land kennen van horen zeggen en ze daadwerkelijk iedere dag ervaren is een fundamenteel verschil. En dat hebben Pim & de Leefbaren perfect in de gaten. Pim c.s mobiliseert de onderstroom en dat gaat altijd gepaard met een zooitje. Althans het lijkt een zooitje ongeregeld, maar als de Leefbaren hun problemen hebben doorleefd weten ze op hun intu´tie en instinct hoe deze te lijf te gaan. Dan zou politieke ervaring uit het verleden maar ballast zijn. Met oud-denken, kun je de hedendaagse problemen immers niet oplossen, dat denken heeft het juist veroorzaakt. 

Wat maakt de hedendaagse problemen zo anders, dat ze met de oude politiek niet te lijf kunnen worden gegaan? Het zijn bijzondere tijden: de gezondheidszorg is zelf ziek, niet de studenten, maar de witte boorden beduvelen de examens, directies (NS) motiveren hun mensen niet, maar proberen hun macht te breken en de politie is inmiddels de administratieve tak van verzekeringsmaatschappijen. Oorzaak en gevolg draaien om en dat is het signaal voor noodzakelijke vernieuwing. De politieke partijen behoren tot de gevestigde orde. En de gevestigde orde heeft altijd moeite met de snelheid van de dagelijkse actualiteit: ''het zijn hectische tijden''. Ze hebben hun regels, hun onderlinge afspraken, hun vooroverleg (waar blijft de NMa?), hun waarden en normen en hun manier om een probleem weg te moffelen in een wolkenbrij van taal. Alles wat ze zeggen klinkt allemaal redelijk, het is allemaal verantwoord, maar dodelijk saai. Ze spelen elkaar slim de bal toe en ze spelen letterlijk een toneelstuk wat ze ''De Realiteit'' noemen. Hun realiteit wel te verstaan. Sommigen (Melkert, Dijkstal) worden vreselijk sacherijnig als een ander niet mee wil spelen met hun spelletje en vallen dan zelfs volkomen uit hun voorgeprogrammeerde rol. Waar was de soffleur? Plotsklaps lijken de pratende poppen weer normale mensen en het volk geniet van de Henk Westbroeken, die het pluche te kijk zetten, zoals we altijd genieten als een underdog (Gretha Smit) de gevestigde orde aanpakt. De gevestigde orde die, met behulp van dure adviseurs, altijd alles perfect heeft georganiseerd om ieder toeval uit te sluiten. Maar zo blijkt ook altijd weer: het vooral voor zichzelf goed heeft geregeld. 

Wanneer slaagt een onderstroom? Wanneer er zelforganisatie (organisatie van binnen uit) ontstaat en dat gebeurt als de nood hoog is en de antwoorden van boven alsmaar niet komen. De zelforganiserende vernieuwing voegt zich niet naar een bestaande structuur. Intu´tief weet men dat die bekende weg doodloopt, men komt met nieuwe regels (zie MP3, Napster, Kazaa) buiten de gevestigde orde (bovenstroom) om. En de grote vraag is: zal Pim & De Leefbaren in staat zijn ook de bestaande structuren een duw te geven of praten ze zich lam in het gedoe? Eerlijk is eerlijk, ze beginnen veel belovend, ze hebben bijvoorbeeld geen plan. Dat is altijd goed, voor de onbekende trektocht bestaat immers geen uitgewerkt reisplan. En ''de mensen in het land'' weten het: je hebt niets aan een plan wat toch niet wordt uitgevoerd. Plannen staan bovendien voor vergadercultuur. Dit is het moment voor de echte politieke vernieuwing. Dat hoeft niet noodzakelijkerwijs van Pim zelf te komen. Hij is slechts de vreemde aantrekker, die een ander spel op de wagen zet en al die slaapwandelaars eens even wakker schut. Hoe meer onervaren mensen er straks gelijktijdig in de 2e Kamer komen, hoe minder men zal worden geforceerd de mores van de gevestigde orde over te nemen. De situatie op de bovengenoemde thema's is dusdanig dat het beter is de dagelijkse praktijk te kennen en daar oog voor te hebben, dan voor de regels van het (verouderde) spel.

Zwammerdam, 10 maart 2002

 

Terug naar het overzicht van columns...


U wordt uitgenodigd een column te schrijven van 600-800 woorden over het thema 'chaosdenken'. Stuur u bijdrage naar .