samenvatting: "De Nieuwe Economie is begonnen!"

-Teun van Aken & Jaap Peters-

Wat is er nieuw aan de nieuwe (of gratis) economie is het onderwerp van de lezing voor de leden van het chaosforum, dat deze middag is uitgebreid met een aantal geÔnteresseerden vanuit de omgeving van Overmars Adviesbureau. Uitgangspunt is het boek van Kevin Kelly (1998). "Nieuwe regels voor de nieuwe economie: 10 radicale ondernemingsstrategieŽn in een wereld van netwerken". Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds. ISBN: 90 5712 053 4.

Oorspronkelijke titel: "New rules for the new economy - 10 radical strategies for a connected world." New York: Viking Penguin.

Van de back cover: "Vergeet vraag en aanbod. Vergeet computers. De oude regels gaan niet meer op. Verandering wordt tegenwoordig gestuurd door communicatie. Succes vloeit voort uit het begrijpen van netwerken, netwerken hebben zo hun eigen regels."

Teun van Aken heeft de volgende stellingen:

  1. De term NIEUW in "nieuwe economie" duidt slechts op positief denken en hoopvolle verwachting onder het motto van HebreeŽn 11.1: Geloof is het bewijs van wat je niet ziet, en de zekerheid van wat je gelooft.
  2. Het enige nieuwe (dat wat nooit eerder is vertoond) is de combinatie van langdurige economische groei en (zťťr) beperkte inflatie.
  3. Alles is natuur, ook economie. En dus net zo onvoorspelbaar als altijd. ("Een depressie van een dag kun je hoogstens twee dagen van tevoren voorspellen. Een onweer van een uur kan je hoogstens twee uur van tevoren voorspellen.")
  4. Alles gaat steeds langzamer. Je moet alleen wel steeds harder lopen om op dezelfde plek te blijven.

Stellingen die Jaap hiertegenover zet:

  1. Fundamentele veranderingen kunnen pas achteraf betekenis krijgen door juist taalgebruik. Vaak hebben we aanvankelijk het juiste woordgebruik nog niet.
  2. De gebruikelijke economische orde der dingen is inmiddels aan het omkeren en nieuwe regels worden daadwerkelijk van kracht (voorwoord boek Kelly).

Plots gaat het licht aan in de ruimte (was uit in verband met de beamer projectie). Iemand doet het weer uit en even later gaat het weer "vanzelf" aan). Wat blijkt is dat in een aangrenzend zaaltje mensen hebben plaatsgenomen, die het licht hebben aangedaan, dat vervolgens weer uitgaat, zodat ze het opnieuw aandoen. Mooi voorbeeld van chaosdenken: alles is met alles verbonden en beÔnvloedt elkaar. Wat blijkt is, dat de scheidingswand tussen de twee ruimtes geopend kan worden zodat er ťťn ruimte ontstaat. De beide lichtschakelaars zitten in een hotelschakeling...

Korte inhoud van het boek van Kelly:

  • Hoofdstuk 1: Laat u bekeren tot de zwerm (alles met alles verbinden; handelingsbevoegdheid).
  • Hoofdstuk 2: Toenemend rendement (in netwerken ontstaan positieve feedback-lussen; schaalvoordelen nemen af, organische netwerken).
  • Hoofdstuk 3: Overvloed, geen schaarste (duplicatie, replica, kopieŽn, openheid, zie MP3).
  • Hoofdstuk 4: Ga naar gratis (door weggeven wordt jouw product de standaard; zie Linux).
  • Hoofdstuk 5: Voed het web (niet internet alleen, maar alle samenwerkende netwerken) eerst (individuele loyaliteit verschuift van bedrijven naar netwerk; 3T?, Vanwoodman?, Chaosforum).
  • Hoofdstuk 6: Loslaten van de top (creatieve destructie vergt ook leiderschap. De weg naar de nieuwe top gaat via zijn achteruit, nieuwe dingen in nieuwe netwerken, ga aan de rand zitten, dan laten de marktleiders je met rust).
  • Hoofdstuk 7: van plaatsen naar ruimtes: der fatale eliminatie van de tussenhandel; direct).
  • Hoofdstuk 8: Geen harmonie, maar voortdurende beweging (voortdurend vernieuwen).
  • Hoofdstuk 9: Relatietechnologie (wie de intelligentste klanten heeft, wint).
  • Hoofdstuk 10: Eerst kansen, dan efficiŽncy (creŽer een grotere vraag dan je bevredigt).

Hoezo gratis? Gratis verzekeringen via het Zilveren Kruis, gratis Internet, etc.

Verschillen tussen de industriŽle versus de informatie-economie:

  • Economie van de schaarste versus overvloed.
  • Kapitaal, arbeid, grondstoffen versus media, software, diensten.
  • Centrale versus decentrale systemen.
  • Stand-alone versus netwerkgebonden.
  • Geleidelijke versus exponentiŽle groei.
  • Dom versus intelligent.
  • Kopen versus weggeven (gratis)
  • Wet van het afnemend grensnut versus toenemend grensnut.
  • Schaalvoordelen versus netwerkgenererende waarde.
  • ICT als hulpmiddel versus organische structuur.
  • Traditionele versus veranderende slagorde.

Nieuwe ondernemers handelen anders:

  • Zoeken een netwerk op (kettingbrief-effect).
  • Combineren media, software en diensten.
  • Geven iets 'gratis' weg (mobiele telefoons, cursus, software, mp3 CD, IKEA, Linux, lidmaatschap).
  • CreŽren overvloed (kopiŽren door anderen is niet erg, dan wordt het sneller de standaard).
  • Combineren producten met kennis (wasgoed, krop sla).
  • Proberen real-time te werken (vraag-antwoord).
  • Zorgen voor netwerk genererende waarde (de eigen organisatie overstijgend) - waarde netwerk is belangrijker dan van het bedrijf zelf (veiling).
  • Zorgen dat informatietechnologie het nieuwe kampvuur is waaraan ze zich warmen (Radio 538 Music machine, DJ Jean).
  • Zorgen ervoor dat de informatietechnologie de relatie met de klant verstevigt (kennis).
  • Organiseren dat hun klanten met elkaar kunnen praten (creativiteit).

Nieuwe ondernemers denken anders:

  • Accepteren gemakkelijker flops (er is immers geen bekende weg).
  • Accepteren dat je identiteit door het netwerk wordt gevormd (er is meer wij dan ik in de markt).
  • Herkennen de aanvullende markt als markt.
  • Realiseren zich dat de top altijd een sub-top is (iemand anders verplaatst de berg).
  • Weten dat signalen vooraf gaan aan kansen.
  • Beseffen dat vastzittende organismen eerst "in zijn achteruit" (Ajax, PSV) moeten.
  • Weten dat grote ondernemingen klein beginnen.
  • Lossen niet de hele tijd problemen op maar jagen kansen na.

Consequenties van de Nieuwe Economie:

  • Tussenschakels moeten op hun hoede zijn (MP3, banken, veilingen, free record shop) want krijgen een andere functie.
  • Iedereen (scholier) kan je eigen concurrent zijn.
  • Eigenaar van schapruimte is niet meer de baas (het web is uw schapruimte).
  • Iedereen krijgt een e-mail adres.
  • De markt is een en al niche.
  • Een kruimel kan miljoenen veroorzaken.
  • Traditionele organisatievormen veranderen.

Teun zegt dat de nieuwe economie een geloof is. Men kan iedere keer wel zeggen dat de economie nieuw is. Soms gaat de ontwikkeling snel, dan weer traag, maar er is volgens hem geen fundamentele verandering. Het is wel steeds onvoorspelbaar. Wat in 1965, 1975, etc. werd voorspeld, is niet uitgekomen. Heb niet de illusie dat je iets over morgen kunt voorspellen, blijf liever bij vandaag.

Jaap: Ik zie bepaalde verschijnselen in bedrijven die zich nog nooit eerder hebben voorgedaan. Maar misschien gebeurt er toch wel hetzelfde als bij de uitvinding van de stoommachine.

Uit de krant: Wat doet een bestuursvoorzitter in een bedrijf: "Je kunt toch moeilijk de stekker uit een bestaand bedrijf trekken waar mensen werken en winst wordt gemaakt. E-commerce wel of niet? "Dat zouden mijn mensen niet pikken."

Er wordt een vraag gesteld: Waar hebben we het over? Is er iets nieuws onder de zon? Je hebt contrasten nodig om het ergens over te hebben. Wat zijn de inzichten van vandaag, waar ik morgen wat me kan? Teun: Ik snap de vraag wel en ik weet waar mensen mee zitten, maar je kunt het niet voorspellen. Je kunt niet naar voren kijken, alleen van terugkijken leren. Of je er morgen iets mee kunt, weet je pas morgen. Het is misschien wel van alle tijden dat technologische ontwikkelingen sneller gaan dan we mentaal aan kunnen.

Teun toont een boek: "De vertraagde tijd" van Arnold Cornelis. Als ik mijn interne klok net zo snel laat lopen dan de externe tijd, dan zal ik nooit iets begrijpen. Je moet terugtreden, om dingen te begrijpen. Teun wil meer tijd nemen voor reflectie.

Jaap: Morgen kun je niet voorspellen. Maar wel: wat zijn de patronen. Slimmer zijn dan de buurman? Nee, dat is oud denken. Wij zijn de markt, samen! Ik heb geleerd dat je kunt leren door achteruit te kijken en vervolgens het verleden te herformuleren. Zijn er patronen (bijvoorbeeld het ik-denken) dat je moet doorbreken. Voorbeeld: Belgische rechter zegt dat Belgische providers geen MP3 op het net mogen zetten. Maar dat heeft natuurlijk geen effect. Teun: Er is een verschil tussen intelligentie en nadenken. Die rechter heeft niet nagedacht. Als je iets verbiedt, wordt het juist aantrekkelijker. Die rechter zit vast binnen zijn eigen context.

Wat bewijst Kelly nu eigenlijk? De door hem aangebrachte verklaringen zijn niet helder. Wat echter duidelijk is, is dat we macro-economisch in een omslagperiode zitten. Evolutie versus revolutie. Achteraf blijken grote veranderingen vaak toch maar kleine golfjes.

Vervolgens ontspint zich een discussie over het maken van de wereld versus het zien van de wereld. Waar kijk ik naar? Het lijkt of je alles zelf aan het draaien moet houden, maar het draait vanzelf, ook zonder jou toch wel. Je kunt er ook anders naar kijken (context veranderen). Hoe positioneer jij je in de wereld. Het gaat om een wijze van kijken! De informatietechnologie biedt ons meer terugkoppelingsmogelijkheden. Zie jezelf de extra mogelijkheden (bewustwording)? Veranderingen verlopen autonoom, je kunt kiezen om daar wel of niet aan mee te doen. Je zoekt naar inzichten om er mee om te gaan. Je wilt mee beÔnvloeden. Jaap: Het kenmerkende is dat we met de huidige mogelijkheden bijna met niks over de hele wereld iets kunnen bereiken (voorbeelden van slimme shareware-programmaatjes).

Reactie van ondernemers in de zaal m.b.t. de nieuwe economie: Er vindt veel plaats in een bedrijf: een nieuwe hype. Men begint met een PC'tje, dat is het dan. Adviseurs roepen: je moet je producten gratis weggeven. Men neemt zich voor radicaal te veranderen, maar als puntje bij paaltje komt, komt men erop terug als een klant belangrijk is. Het durven afbreken is moeilijk. Een klant van 10 jaar kun je niet zomaar aan de kant zetten. Verleg je grenzen: ja, maar dan moet ik investeren, nieuwe mensen, toch maar even het nieuwe idee aan de kant. Klant zegt: waarom hebben jullie geen EDI. Je denkt niet meer mee in wat er in de markt gebeurt. Reactie: Het is maar net hoe je naar een markt kijkt. Men hoopt dat de klanten niet veranderen. "Het bedrijf met de slimste klanten overleeft". Dat is maar net de vraag. Er zijn ook andere invloeden. De verandering gaat vanzelf. Hoe speel ik in op deze veranderingen. Leef de dag zoals die is. De technologie verandert zeer snel, en dan proberen we die in de eigen organisatie te gebruiken. Er is veel te verkrijgen op de economische snelweg. Oudere managers zeggen vaak: Oh, je zit er nog maar net. Ik zit er al zo lang. Wacht maar tot je zo oud bent als ik, dan begrijp je het wel. We moeten leren dat alles niet steeds hetzelfde is. De beperking van je eigen organisatie ("installed base"). Als we het gevestigde loslaten, zou de wereld er dan anders uitzien? Hoe maak ik de technologische ontwikkelingen beheersbaar/benutbaar.

Andere reactie: In het schildersvak heb je nog niet zoveel computers. Alles gaat net zo snel als je klanten het aankunnen. Een eye opener is het koppelen van losse ondernemertjes. Het netwerk stuurt zichzelf aan. Je bent geen schilder, maar een ondernemer. Heel veel mensen gaan zelfstandig. Het netwerk genereert de meerwaarde. Een nieuwe manier om vraag en aanbod aan elkaar te koppelen, en ook ťťn kwaliteitsniveau. Voordeel is ook dat men heel goed in de regio zij werk kan doen. Netwerk functioneert als verdeler. Je hoeft niet het hele land meer door te reizen voor een klus.

De middag werkt gekenmerkt door een levendige discussie waarin vele standpunten werden ingenomen, en met verve werden verdedigd. De conclusie van Frans van Eijnatten, dat wegens gebrek aan dialoog het leereffect gering was geweest, werd niet door de groep overgenomen. Men vond het een geslaagde middag, en men had veel opgestoken.