Lang leve onze president!

De mogelijke uitslag van de Amerikaanse presidentsverkiezingen slingert heen en weer tussen Gore, Bush, Gore, Bush, enzovoort. Waarbij de naam van de winnaar wisselt met de uitspraken van lokale rechtbanken, de supreme court in Florida, betrokken ministers en hertellende counties. Een onvoorspelbare situatie, waarbij zelfs de juristen geen uitspraken durven doen over wie zal winnen. Hoe de uitslag ook luidt, het ziet er naar uit dat de presidentsverkiezingen worden beslist met een verschil van misschien enkele honderden stemmen op een bevolking van 250 miljoen. Over kleine oorzaken en grote gevolgen gesproken.

Maakt een Republikein of Democraat in het Witte Huis iets uit? Misschien niet voor de meeste Amerikanen, maar als enige overgebleven supermacht heeft Amerika een belangrijke rol in de wereldgemeenschap. In afwachting van welke president de vredesbesprekingen in het Midden-Oosten voortzet, drijven Joden en Palestijnen steeds verder uiteen en de klimaatconferentie in Den Haag is grotendeels een mislukking als de Amerikanen niet meedoen. Het zijn slechts twee voorbeelden uit vele, want Amerika gaat voorop in de wereld, niet alleen economisch maar ook op het gebied van militaire en technologische macht.

In The Sciences van nov/dec 2000, het tweemaandelijks verschijnende magazine van de New York Academy of Sciences, werd aan beide kandidaten tien vragen voorgelegd over wetenschap en technologie. Ik haal er enkele antwoorden uit naar voren om de verschillen tussen Gore en Bush te verhelderen, voor een volledig overzicht van vragen en antwoorden kun je terecht op de website van de Academy: www.nyas.org.

Op de vraag of een regering onder leiding van de kandidaten meer geld wil uittrekken voor fundamenteel natuuronderzoek, antwoorden beide kandidaten dat ze daartoe bereid zijn. Opvallend is echter dat Bush daaraan vastknoopt dat het fundamenteel onderzoek wel ten goede dient te komen aan de VS en de belastingbetalers. Kortom, van tevoren moet duidelijk zijn wat het rendement van het onderzoek zal zijn. Een standpunt dat fnuikend is voor echt fundamenteel onderzoek en dat bovendien aangeeft hoezeer het Bush-kamp is doordrongen van het machinedenken en het maakbaarheidaxioma. Gore laat in het midden wat de uitkomsten moeten opleveren en onderschrijft alleen het belang van een vergroting van het onderzoeksbudget.

Op de vraag of de kandidaten bereid zijn militair onderzoek meer in balans te brengen met civiel onderzoek, omdat de noodzaak voor militair onderzoek is afgenomen nu de Koude Oorlog ten einde is, antwoordt Bush onomwonden dat hij het militaire onderzoeksbudget met 20 miljard dollar wil verhogen, terwijl Gore aangeeft dat hij alleen militair onderzoek ondersteunt voor zover dat betrekking heeft op sleutelgebieden, zoals nano- en informatietechnologie.

Ten slotte beantwoorden de kandidaten de vraag of zij het Kyoto Protocol ondersteunen, waarop de Haagse klimaatconferentie wil verder bouwen. Bush zegt dat hij tegen Kyoto is, omdat het ineffectief, inadequaat en oneerlijk is voor de VS. Gore is een fervent voorstander en hij wil proberen het protocol te laten ratificeren door de Senaat, als ook een zinvolle participatie van de ontwikkelingslanden hierin is opgenomen.

Kortom, de verschillen tussen beiden zijn niet erg groot, maar kunnen voor de wereldgemeenschap wel de doorslag geven bij belangrijke onderwerpen. Jammer dat maar de helft van de Amerikaanse kiezers het nog kon opbrengen naar de stembus te gaan. Wellicht is het een idee om in de toekomst de stemmen die niet worden uitgebracht, te verdelen onder kiezers uit de rest van de wereld. De Amerikaanse president is tenslotte ook een beetje de president van ons allemaal.(HN)

Terug naar het overzicht