Home
Purpose of the Chaosforum
Discussion Forum
Bibliography
ECCON
Lectures / Workshops
FAQs
Statements on Chaos
Chaos in Art / Attractor Project
Links
 
 

 
 
 
Het systeem van de Chaos
  Recensie  
  door: Michael Zeeman

In het oeuvre van de Japanse schrijver Haruki Murakami (1949) overheerst de ontregeling en wanorde. Zijn werk is onweerstaanbaar, bedwelmend, ontroerend.

In After Dark, de jongste in het Nederlands vertaalde roman van de Japanse schrijver Haruki Murakami, komen twee zusjes voor, Eri en Mari. Allebei nog jonge vrouwen, studentenleeftijd. Zij schelen niet veel in jaren en zijn dicht bij elkaar opgegroeid, in een intieme, haast symbiotische toestand. Terwijl hun afkomst en geschiedenis elkaars gelijke zijn, zijn hun autobiografieën en hun voorkomen zowat elkaars tegendeel: opvallend mooi versus onopvallend gewoontjes, hard als een juweel versus zacht als een spons, gesloten versus open, vervuld van zelfvertrouwen versus ten prooi aan diepe twijfel.

Mari, de jongste en de onopvallende, is de rusteloze. Na het invallen van de duisternis brengt zij de nacht door in een restaurant dat blijkbaar 24 uur per dag openblijft. Zij zit daar te lezen en probeert zich zo min mogelijk iets aan te trekken van de incidenten die zich in haar omgeving voltrekken. Dat lukt haar niet: telkens dringt er iemand vanuit de nacht tot haar door om haar te storen met zijn opvattingen, zorgen, vragen. Zij verstoren haar orde, verhinderen haar hang daarnaar.

Mari probeert op zichzelf betrokken te blijven en zich te onttrekken, maar de wereld om haar heen strekt telkens zijn tentakels naar haar uit en trekt haar uit haar cocon. Zij maakt, tegen wil en dank, deel uit van een groter geheel, en de opzet van de roman is ons te betrekken bij het inzicht dat zich gedurende één nacht in een metropool aan deze jonge vrouw opdringt. De stad is een organisme, zegt de schrijver in de openingsscène; zij lijkt te bestaan uit een optelsom van individuen en hun individuele bewegingen en bedoelingen. Maar hanteren we een camera en nemen we een zekere afstand, dan zien we een kolonie, een machine, een vitaal en complex wezen, waarin alle onderdelen samenwerken in een kolossaal en gecompliceerd geheel.

Ondertussen slaapt haar zuster, niet alleen gedurende deze nacht, de nacht die Mari wakend, studerend en peinzend doorbrengt, maar al maanden, onafgebroken, in zelfverkozen coma. Eri heeft haar carrière als model opgeschort. Zij heeft zich teruggetrokken uit de machinerie. Wat er precies met Eri aan de hand is, weet geen mens; medische onderzoeken hebben niets afwijkends aan het licht gebracht.

Maar Mari doorziet haar: zij wordt getergd door een ogenschijnlijk kleine herinnering, de herinnering aan hoe zij en haar zusje, als meisjes, ooit onafscheidelijk waren en ineens gescheiden werden. Kennelijk zijn hun reacties daarop volslagen verschillend geweest en begonnen zich in die eerste reacties hun uiteenlopende individuele persoonlijkheden te ontvouwen. 'Ze wordt overweldigd door een gevoel van berouw ten opzichte van iets', schrijft Murakami dan, 'al kan ze niet begrijpen wat dat iets precies is'. Eri is vertrokken naar een andere wereld, Mari zit met de spijt en het heimwee, het wroeten van dat 'iets' en het vruchteloze geploeter dat te begrijpen.

Het is ook moeilijk te begrijpen. Het is in elk geval moeilijk te benoemen: Murakami heeft er tot nog toe een heel oeuvre voor nodig om het aan te duiden, een oeuvre dat bestaat uit verhalen, romans van gemiddelde omvang en zeer omvangrijke romans, een oeuvre van alledaagse, haast triviale liefdesgeschiedenissen en van absurde verhalen of listig geconstrueerde romans die zich in een onbekende, ontoegankelijke en ontoeschietelijke wereld afspelen.

In vrijwel alle stukken die er over Murakami's werk worden geschreven, wordt op de bizarre verschillen tussen die werelden en dus tussen die werken gewezen. Zijn commentatoren en critici, zijn Amerikaanse vertaler en grootste pleitbezorger van zijn werk, Jay Rubin, voorop, beginnen met het onderscheiden van twee, drie of zelfs vier 'Murakami's'. Die van de linea recta geschreven liefdesverhalen - Ten zuiden van de grens, Norwegian Wood en Spoetnikliefde - versus die van de science-fiction-achtige romans als Hardboiled Wonderland en het einde van de wereld en Kafka on the Shore in de eerste plaats, en daarachter de 'Murakami van de verhalen', zoals die werden gebundeld in onder meer De olifant verdwijnt en After the Quake, versus de 'Murakami van de ambitieuze romans'.

Toch is dat niet wat zich aan je begint op te dringen wanneer je een stapel van Murakami's boeken achter elkaar gaat lezen, ja, liefst alle beschikbare boeken van hem in een kort tijdsbestek tot je neemt. Dat laatste is bijkans onvermijdelijk, want er gaat iets onweerstaanbaars uit van zijn werk, iets bedwelmends en meeslepends: val je voor hem, dan ben je gesjochten, want dan moet ineens dringend alles van hem gelezen worden.

Alleen al de verslavende werking die ervan uitgaat suggereert de samenhang, de eenheid van dat werk: er gaat een wereld open, gevarieerd en complex als de echte wereld zelf. Zo evident als de oppervlakkige verschillen tussen Murakami's boeken ook zijn, zo onontkoombaar zijn tegelijkertijd de dieper liggende overeenkomsten. Vergelijk het met de synchrone Aziatische keuken: veel verschillende gerechten, liefst tegelijkertijd op tafel uitgestald. Samen vormen ze een maaltijd, met een specifieke smaak en een uitgesproken karakter.

Die eenheid ligt in het zoeken van een verhouding tot de chaos. 'Het diepste aspect van het schrijven van fictie ligt in het vertrekken naar en terugkeren uit de andere wereld', citeert Jay Rubin in zijn handzame studie Haruki Murakami and the Music of Words de schrijver zelf, 'en dat is een plek die onvermijdelijk overlapt met het beeld van de dood'. De chaos van de moderne wereld - geen houvast en geen zekerheid meer, in religie noch wetenschap, geen gefixeerd referentiepunt te vinden - kan grofweg op twee manieren tegemoet worden getreden: door een begin te maken met het ordenen, met het bedwingen ervan - of door haar te accepteren.

Dat eerste, het trachten de chaos aan een systeem te onderwerpen, is onvermijdelijk omdat het onweerstaanbaar is. Denk aan het beeld van die metropool: al dat reppen en razen blijkt niet tot calamiteiten te leiden, er zit kennelijk systeem in die waanzin. Zo verwarrend als het er op de grond uitziet, zo solide lijkt het van enige afstand. De metropool werkt - en voor wie erin leeft is de vraag hoe zich zijn individuele persoonlijkheid zich verhoudt tot dat grotere geheel. Radertjes in een machine, en voor het haperen zijn er psychotherapeuten, partners, televisie en andere drugs. Alle haperen is echter een voorbode van de dood, en wie die onverdraaglijke gedachte de baas wil worden gaat op zoek naar een zin, naar een geheime orde.

Het tweede, de chaos aanvaarden, je verstand erbij stil zetten en de warboel van de werkelijkheid laten voor wat zij is en die voortaan lijdzaam ondergaan, is een stuk ingewikkelder - zeker voor een schrijver. Alle schrijven is immers orde scheppen, is de verhoudingen uitpluizen, de complexiteit doorgronden, van de sociale verhoudingen of de ziel.

In Spoetnikliefde verdwijnt een jonge Japanse vrouw, Sumire, tijdens een zomervakantie op een Grieks eiland. Zij is daar beland met haar werkgeefster,Mioe, die ook haar grote liefde is. Haar levensverhaal en haar raadselachtige verdwijning worden ons aangereikt door 'K.', onderwijzer in Japan en zeer bevriend met Sumire. Allebei zijn zij grote lezers - zoals er in heel Murakami's werk nogal wat bezeten lezers voorkomen; ook hijzelf moet een ontzagwekkende belezenheid hebben, want zo eenvoudig als zijn boeken ook ogen, er resoneert een wereld aan literatuur in mee, Japanse en westerse. Met 'K.' zijn we ontegenzeggelijk bij Kafka terug, Kafka die even later in Murakami's werk langs de waterrand loopt.

'In het huis waar ik in het echt woonde, hadden we een hond en van die hond hield ik wel heel veel', zegt 'K.', 'ik liet hem elke dag uit en dan liepen we samen naar het park en gingen op een bankje zitten om wat te praten. We begrepen elkaar volledig. Nadat de hond was doodgegaan, ben ik een boekenwurm geworden. Ik vond de wereld in boeken veel echter dan de wereld om me heen.' De lezer treedt, net als de schrijver, een andere wereld binnen, want deze wereld is niet de echte: er is een andere.

Sumire, ontdekt 'K.', 'is de andere wereld binnengetreden' - en dat moet haast wel het dodenrijk zijn. Helemaal duidelijk is dat overigens niet, maar dat het in dat dodenrijk van Murakami een levendige boel is staat wel vast. Hij heeft die anti-wereld nodig om iets te zeggen over de onze, over de chaos waarin wij leven. In Hardboiled Wonderland - inderdaad, een extreme variant van de wereld achter de spiegel die Lewis Carroll ontdekte - construeert hij er zelfs twee, die van het laboratorium en die van de bibliotheek. In het laboratorium gelden uitsluitend de wetten van de wetenschap, die van de samenleving zijn er overbodig verklaard. En in de bibliotheek worden de dromen, nachtmerries incluis, onderzocht en beheerd. Twee werelden, allebei constructies.

'Niemand kiest voor evolutie', zegt de strenge geleerde, de Mephistofeles, in Hardboiled Wonderland. 'Evolutie is geen pretje. Het is net als met overstromingen en lawines en aardbevingen. Je weet pas wat er gebeurt als ze toeslaan, en dan is het te laat.' Is het, bij iemand die er zo over denkt, verwonderlijk dat hij een verhalenbundel schreef, After the Quake, over de gevolgen van de catastrofale aardbeving van 1995 bij de Japanse stad Kobe? De chaos, waar wij geen greep op hebben, begint al onder het zo vlijtig door ons aangelegde plaveisel, de scheidingswand tussen ons en de verwarring is flinterdun. Schrijven is tegels lichten en kijken wat eronder schuilgaat.

Dat beeld moet wel het meest voorkomen in het werk van Murakami, het beeld van de chaos die overal op de loer ligt. Eén foute stap en je lazert de wereld uit of af, die andere wereld binnen. Sumire, in Spoetnikliefde, is er op een morgen doelbewust in binnengegaan, zij is uitgestapt. Hajime, de eigenaar van een café en een jazzclub in Ten zuiden van de grens, doet niet anders, wanneer hij zich ten slotte overgeeft aan zijn jeugdliefde en zijn comfortabel geordende bestaan op het spel zet. En de expedities in de zuiver geconstrueerde werkelijkheden in Hardboiled Wonderland zijn in feite niets anders dan uitstapjes in een niet bestaande en onbestaanbare orde van wetenschap en herinnering. De lange nacht in After Dark leidt ons de schaduwzijde binnen die de langslapers van de dag nooit zullen kennen. De verhoudingen zijn er totaal ontregeld.

'Elke verklaring of redenering waarbij alles opeens keurig op zijn plaats valt, heeft een dubbele bodem', staat er ergens in dit fascinerende oeuvre. 'Wat met één boek valt uit te leggen kun je beter onuitgelegd laten.' Dat verklaart waarom Murakami er, in een weelde van verzinsels en verbeeldingen, telkens op terugkomt. Hij is een onvermoeibaar reiziger in de duisternis, achter de spiegel, in dromenland en dodenrijk. Bepakt en bezakt met verhalen keert hij er telkens uit terug.

In die bedwelmende en overweldigende chaos is er slechts één vast punt, en dat is de muziek. Geen thema komt zo vaak terug in Murakami's werk als dat van de muziek; klassiek, jazz of pop. Maar kun je je aan zoiets tijdelijks en vluchtigs als muziek vastklampen, kan muziek ooit een aangrijpingspunt zijn? Alleen als je er met muziek op antwoordt: voor Murakami's personages zijn specifieke muziekstukken de stolpunten van hun herinneringen, de halfgeleiders tussen de werkelijkheid waarin zij leven, en de schemerwereld die zij zich herinneren en waartoe zij zich aangetrokken voelen.

Wij lezen daarover in verhalen, meeslepend als de muziekstukken zelf, jengelend, zeurend, betoverend, verleidelijk en ontroerend.

 
 

 

Klik hier om terug te gaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maak van chaosforum.com uw startpagina. Klik hier!